Dan is de keuken aan de beurt

Van: Pierre Spierings

Ossenaar Pierre Spierings oefent dit jaar, voor het goede doel, honderd verschillende beroepen en ambachten uit. Inmiddels heeft hij zijn honderdste dagklus binnen. De opbrengst komt ten goede aan de bouw van een basisschool in Kenia. In een wekelijkse column deelt hij zijn meest bijzondere ervaringen. Kort geleden werkte hij bij thuiszorgorganisatie ZuidZorg en poetste het huis van Annie in Eersel. Meer weten over het project? Surf naar www.100xhonderd.nl en Facebook.

Pierre100x100_sRGB_04 (2)

100-dagenman Pierre Spierings werkte een dag als thuiszorgmedewerker bij ZuidZorg en streek onder meer de was van Annie in Eersel. Foto: Margot Meijer

Annie uit Eersel is een lief minimensje van achtenzestig jaar met een beperking. Ze woont nog zelfstandig in een leuk hoekhuisje dat ze gezellig heeft ingericht. De gemeente Eersel heeft haar geïndiceerd voor drie uur huishoudelijke hulp per week. In die tijd maak je natuurlijk niet een heel huis schoon. Daarom is afgesproken dat de ene week de bovenverdieping en de andere week de begane grond wordt gepoetst. Daar zorgt ZuidZorg voor, de thuiszorginstelling die een flink aantal dorpen langs de A2 en in de Kempen bedient.

Het was een langgekoesterde wens om in het kader van mijn project 100 x Honderd een dag in de thuiszorg werkzaam te zijn. Het is een van de honderd verschillende beroepen die ik dit jaar beoefen. Elke dagklus levert honderd Euro op. Met het eindbedrag zal een school worden gebouwd in Chitsukwa in Kenia. Als ‘werkgever-voor-een-dag’ bood ZuidZorg mij een dagklus aan als huishoudelijke hulp. Vandaag moet ik eerst in Valkenswaard een ouder echtpaar bedienen en ‘s middags volgt Eersel.

Daar, in dat mooie Brabantse dorpje, wacht Annie op me met een verse pot thee en een schaaltje koekjes. Ze wist dat ik vandaag zou komen poetsen en vind dat reuze spannend. En ja, ze wil ook op de foto, want dan wordt ze misschien nog wel beroemd. Dat kan ik haar niet garanderen, maar de gulle lach die zij de fotograaf bij elke foto schenkt is in elk geval een stap in de goede richting. We beginnen met het invullen van haar maaltijdenlijst voor de komende twee weken, want Annie kookt niet meer zelf. Op maandag en donderdag eet ze buitenshuis, de rest van de week krijgt ze om de dag twee maaltijden in een koelbox afgeleverd. Hartstikke lekker, vindt ze. En makkelijk, want Annie houdt niet van koken, maar wel heel erg van kip. Daarna begint het echte werk. Stof afnemen, de kamer zuigen en de ramen lappen. Met Annie’s assistentie en heel precieze instructie strijk ik ook nog een flinke mand wasgoed weg. Dan is de keuken aan de beurt.

Ofschoon Annie de dans is ontsprongen, wordt me wel duidelijk dat de invoering van de nieuwe Zorgwet ook in deze regio ingrijpende gevolgen heeft gehad. De gemeenten voeren een uiterst kritisch zuinigheidsbeleid en met veertig procent minder geld kan ook ZuidZorg niet dezelfde service bieden. Bovendien liep er bij het invoeren van de wet veel mis. Eerst moesten er honderden medewerkers ontslagen worden, wat onrust veroorzaakte en veel mensen pijn deed, en toen de regels werden aangepast werden ze weer aangenomen. Heel wat cliënten moesten het een paar weken helemaal zonder hulp stellen, sommigen kregen helemaal niets meer. Onzekerheid en onduidelijkheid beheersten maandenlang de sfeer in de thuiszorg.

Annie is deze stoelendans ontsprongen. Haar hulpvraag is bij het verplichte keukentafelgesprek amper ter discussie gesteld en ze heeft haar drie uur huishoudelijke hulp en anderhalf uur psychosociale begeleiding per week mogen houden. Dat brengt de nodige structuur in haar eenvoudige leventje dat door haar beperking tenslotte al ingewikkeld genoeg is.

Na bijna drie uur is de klus geklaard en sluiten we de middag af met een kopje koffie, een roze koek en een kwartiertje keuvelen. ZuidZorg-coördinator Connie haalt me op en is tevreden. Met Annie heb ik in enkele uren tijd een mooie vriendschap opgebouwd. Ik krijg een hand en een kus ten afscheid. Dag Annie, het ga je goed.

Pierre Spierings

vllinder witboekzorg_2015

Dit verhaal is ook in pdf beschikbaar.

Foto en namen met toestemming gepubliceerd

Hoe worden we beter?

Van: de zeven dwergen

een ezel      goed voorbeeld

Je zou bijna zeggen dat slechts een negatieve ervaring ons tot iets beters brengt. Het is echter ook zo dat klokkenluiders die rapporteren over misstanden nog niet zo vaak voor elkaar hebben gekregen dat door hen gemelde excessen echt zijn verbeterd. Zo leek het de afgelopen jaren ook in de zorgveiligheidswereld. Na het rapport To err is human is er jarenlang onder andere gewerkt aan een omgeving waarin veilig gemeld kon worden over gemaakte fouten. Door Vim (Veilig Incident Melden) te introduceren en daardoor dicht bij de oorsprong van de fout te blijven, lijkt er nu een betere leercultuur (inclusief e-learning cursussen) te ontstaan. Toch zijn we er nog lang niet. Er is ook het gezegde: “Goed voorbeeld doet goed volgen”. Langzamerhand begint het idee post te vatten dat we ook van elkaars successen veel kunnen leren. In het UMCU, maar ook in andere klinieken en opleidingen van zorgprofessionals past men deze wetenschap toe in goed klinkende projecten als CanBetter.

Voor het leren kennen van de best practices en het vergroten van het leervermogen is het wel nodig dat er een andere beweging opkomt. Met mensen die opstaan en met trots vertellen over hun successen, zelfs als de resultaten misschien nog niet zijn gepubliceerd.

Om op lokaal niveau van elkaar te leren hoeven we daar niet eens onze in de zorg zo geliefde afkortingen voor te wijzigen. We kunnen blijven ‘VIM-en’ als we er ook de betekenis Verbeteringen Intensief MedeDELEN aan toevoegen.

VIM met trots

Meer verhalen lezen over patiëntveiligheid? Kijk op de website van Patiëntveilig.

Dit verhaal is ook in pdf beschikbaar.

Rivellavla

Van een locatiemanager

Marjan woont in een woonlocatie met intensieve zorg in Friesland. Met intensieve zorg bedoel ik zorg voor cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag.

Op deze groep zat de koelkast altijd op slot. Dit was ooit gedaan vanuit het oogpunt van veiligheid. Toen we tijdens een vergadering alle vrijheidsbeperkende maatregelen doorliepen, vroegen we ons af waarom ook alweer die koelkast op slot zat. Eigenlijk wist niemand dit meer goed te vertellen. Wat er zou kunnen gebeuren als de koelkast open ging? Eigenlijk konden we alleen maar dingen bedenken als een cliënt die een heel pak melk of limonade opdrinkt. We vonden dat we dit risico konden nemen. Een pak melk leeg drinken is toch ook niet zo erg. Nadat we de medicijnen die ook in de koelkast stonden een andere, veilige plek hadden gegeven, lieten we de koelkast los. En wat gebeurde er:  Marjan zat de volgende dag te ontbijten met een bakje vanillevla met rivella er door. Heerlijk vond ze het!

rivellavla

Dit verhaal is ook beschikbaar in pdf.

Surfen door de tijd

Van Marlieke de Jonge, overlevingskunstenaar en praktiserend patiënt bij het CIP, werkzaam als stafmedewerker empowerment bij Lentis.

Surfen door de tijd

Een ongehecht kind heeft het makkelijker met loslaten van de ‘ouders’, merk ik. Het scheelt gewoon vaste verwachtingspatronen. Afstand geeft de ruimte om contact en verhoudingen zonder verlies-rekening anders in te vullen.

Mijn moeder is inmiddels 93 en woont met veel plezier in een verpleeghuis. Voor haar blijft het leven zo overzichtelijk. Dat is belangrijk, want het korte termijn-geheugen is op. Ze kan halverwege haar eigen gedachten compleet verdwalen. Dat geeft gevoel van onmacht als de omgeving ordening en samenhang blijft eisen. Die onmacht snap ik: leven met een splitssysteem (DIS voor slechte verstaanders) geeft ook zulke effecten. Beetje anders, maar dat doet er niet toe. Ik weet in ieder geval dat het averechts werkt om wanhopig op zoek te gaan naar wat weg is. ‘Loslaten’ is de kunst, leren fietsen met losse handen en vertrouwen dat het wel goed komt. Dan komt het ook weer goed op onnavolgbare wijze. ‘Mam, je leeft gewoon in ‘hier en nu’. En dat zonder meditatie-training! Menig boeddhist zou er jaloers op zijn.’ Het gaat om genieten van wat er is in plaats van jagen op wat je nooit (meer) te pakken krijgt. 93! Mag je dan eens gaan freewheelen? Gelukkig doet het lange termijn-geheugen het nog prima – dat schept perspectief. Mits we accepteren dat het een knipperlicht-installatie is. (De medische terminologie besparen we elkaar.) Weg is weg: stug doorfietsen en blij zijn met wat er opplopt, is de formule.

Landen bij Napoleon

Grappig is ook dat het begrip ‘tijd’ alle betekenis verloren is. Voor mij is dat boffen, want daar begrijp ik van huis uit niks van. ‘Tijd’ en ‘afstand’ rekenen wij (intern) tot de ‘grote-mensen-leugen-wereld’. ‘Met mijn gedachten ergens anders ben ik altijd overal’ (tekst van Loesje). Dissociatie op topsport-niveau. Mijn moeder en ik zijn allebei weet-beestjes en ontdekkingsreizigers: dol op verhalen en geschiedenis. Toevallig delen we die hobby en dat blijkt een uitvinding. Waar de dagelijkse werkelijkheid niks meer oplevert, duiken we tegenwoordig bij elk contact per onmiddellijk het verleden in. En niet zo’n beetje, nee, wij surfen probleemloos van het Stenen Tijdperk naar de Gouden Eeuw en vice versa.

Napoleon bij de Sphinx

Schilderij van Jean-Léon Gérôme (1824 – 1904) – Bonaparte devant le Sphinx

Momenteel volgt mijn moeder geschiedenisles. Iedere zondag komt een student vertellen over Napoleon. Eerst was het de Eerste Wereldoorlog, nu is het Napoleon. Onze speurtochten door de historie beginnen en eindigen dus per definitie bij Napoleon. Daar kan ik allerlei feitjes over aanleveren. Niet dat ik verwacht dat mijn moeder ze onthoudt, maar dat heeft het voordeel dat ik ze grenzeloos kan herhalen. Mijn moeder floreert bij de herhaling, dat geeft een soort houvast. Daarom draait de hele geschiedenis nu ook om Napoleon. Intussen mag ik vrij vertellen over de verhalen die ik oppik van documentaires op de ZDF. De volksverhuizingen vallen uitstekend in de smaak met Hunnen, Oost- en Westgoten en de ‘val van Rome’. Vervolgens een uitstapje naar de opgraving van Mammoeten in Zuid Amerika en dan weer terug naar Napoleon. Fiets ik via het Zweedse koningshuis door naar de Vikingen. Van de Vikingen is het een kikkersprongetje naar de Chinese Muur en zo komen we vanzelf weer uit bij… Napoleon. Het bombardement van Dresden valt niet goed. Dat is namelijk geen geschiedenis, maar roept herinneringen op. Herinneringen mogen wel, maar alleen als ze gelukkig maken. Dus wel het Indië van Halmahera waar ze geboren is, maar geen koloniale narigheid en absoluut geen Tweede Wereldoorlog. De Eerste mag wel, zolang we maar landen bij Napoleon.

Surfen door de tijd

Het is nu zondag. Vanavond na het Nieuws ga ik bellen om te vragen hoe het met Napoleon is afgelopen. Het was de laatste les, dus vermoedelijk Elba en St. Helena. Maar meer vermoedelijk is dat alweer vergeten. Zoals het ook niet uitmaakt of ik vanavond bel of halverwege de week. Als alles ‘nu’ is, is woensdag of vrijdag ook zondag. Lekker makkelijk. Tijd… wat is dat voor een onzinnig ordeningssysteem? Mijn moeder en ik hebben er geen last van als we vrolijk door het universum hoppen. Is het leuk dan is het leuk en wat leuk is hoef je niet te onthouden. Onthouden is proberen vast te houden. Eigenlijk een hopeloze onderneming in de dynamiek van het leven. Eigenlijk kun je beter met de stroom mee zwemmen. Er zit best iets in verstandigs in leren leven in een onbegrensde werkelijkheid aan het eind van je leven. Zeg ik en besef hoe kwetsbaar onze geconstrueerde wereld is en hoe ijzersterk de mens in aanpassen en overleven.

Meer blogs van Marlieke lezen? klik hier.

vllinder witboekzorg_2015

Dit verhaal is ook beschikbaar in pdf.

Een uitgestoken hand

Van een maatschappelijk werker

Een ervaring waarbij een cliënt blij was:

Een zogenaamde ‘vieze cliënt’ stak zijn hand uit. Terwijl om mij heen hulpverleners achteruit deinsden, nam ik de hand aan en schudde die hartelijk. Een glimlach was mijn beloning.

Dat ik daarna mijn handen moest wassen, had ik er graag voor over. Deze cliënt was gewend dat mensen hem negeerden. Was hij daarom ‘extra vies’ geworden? Wie zal het zeggen.

Het 5 Sterren ontbijt

Van een verpleegkundige

Amsterdam is als stad bekend om zijn mooie bouwstijlen, de gezellige drukke binnenstad, drugs natuurlijk, en de vele hotels, van verhuurde achterkamertjes tot 5 sterren-hotels.

Hier moest ik aan denken op een van mijn eerste werkdagen bij het Leger Des Heils Thuiszorg team. Wij zijn verzorgenden en verpleegsters die patiënten thuis bezoeken en de zorg geven die ze nodig hebben. De zorg is niet zo veel anders dan bij de “gewone” thuiszorg maar omdat onze cliënten bijzondere mensen zijn (WIJ noemen ze “bijzonder”) doen we dingen die bijzonder zijn.

Op deze doordeweekse ochtend sta ik al vroeg voor de deur in Oud-West, een mooi vormgegeven stukje Amsterdamse School, een deur en twee ramen. Op aanbellen wordt niet gereageerd, dus ik gebruik de sleutelkluis. Dit is een kastje aan de buitenmuur waar de sleutel van de deuren in zit om binnen te komen, om allerlei redenen is dat soms nodig. Ik roep bij het binnen komen dat ik er ben, ik roep de naam van de bewoner. Het ruikt niet fris in dit huis, begane grond, vochtig, donker, het tapijt heeft een onbestemde kleur. Ik probeer voorzichtig de ene deur na de andere, ik hoor niets. Niemand thuis ? Ik schuif de gordijnen opzij en zie een woonkamer met niet meer dan een lage salontafel en een bank. Ik loop nog een rondje door de keuken, de aangrenzende kamer waar veel spullen liggen, bergen kleding, dozen, maar ik hoor en zie geen mijnheer die hier zou moeten wonen.

Ik ga op de bank zitten en lees in het logboek dat Dhr die hier woont diabetes heeft. Iedere ochtend moet er bloed gemeten worden om suikerwaarden te bepalen en Dhr heeft insuline nodig. Dan moet hij er wel zijn! Ik kijk nog eens goed rond, heb ik een bed gezien? Nee dus. Nogmaals check ik de zijkamer met de stapels kleding, hij zou toch niet ….. ja wel ! Er steekt een handje uit een bergje kleding waarin ik nu ook een slaapzak herken.

Voorzichtig ga ik op de grond naast hem zitten en luister, ik hoor geen ademhaling, maar het hoofd ligt onder de slaapzak. Zachtjes schud ik wat aan het handje, nu hoor ik geknor. Gelukkig, hij leeft! In het logboek stond dat Dhr afkomstig is uit Griekenland, lang op straat geleefd heeft en hardhorend is, nauwelijks Nederlands spreekt. Na een beetje roepen en zachtjes schudden komt er een hoofd boven de slaapzak uit, maar echt wakker krijg ik hem niet. Ik haal alvast de spullen om hem te “prikken” en laat dat zien. Dan knikt hij, dit gebeurt iedere dag dus dat moet maar. Bloedsuiker is extreem laag, wat betekent dat ik de insuline niet kan geven en dat hij nu heel rap iets moet eten en drinken.

In de keuken scharrel ik rond, trek alles open, vind wat fruit in een schaaltje, precies de goede suikers. Een metalen kommetje wordt hier schijnbaar gebruikt om water in op te warmen op een gaspitje, er is geen ketel of waterkoker. Een beetje kamperen is dit eigenlijk allemaal, maar dan binnen 4 muren. Logisch voor wie lang op straat geleefd heeft.

Ik breng  mijnheer een ontbijt op bed met een stukje brood met pindakaas, kopje thee , en schaaltje geschild en gesneden fruit. Nu zit ik naast hem op de grond te wachten tot hij alles opgegeten heeft. Pas als hij gegeten heeft kijkt hij me aan, alsof hij nu pas beseft dat dit ontbijt niet aan is komen waaien. Hij heeft een vriendelijk, verweerd gezicht , een beetje zoals hele oude muren eruit zien. Grote bos grijs haar met snor en baard, de handen hebben niet echt een kleur, de binnenkant is gelooid als leer. We kijken elkaar een poosje aan , dan glimlacht hij en knikt, geeft me het lege kommetje. Hij is nu wel wakker en wijst naar het pakje zware shag dat naast het “bed” ligt. Ik haal eerst weer de meter tevoorschijn, bloedsuiker is beter nu, en ik kan de insuline toedienen.

Dhr draait een sigaretje en vraagt om de asbak;  met brommende geluiden wijst hij naar de tafel in de woonkamer. Inderdaad staat daar de asbak, die reik ik hem aan. Wat een service, eerst ontbijt op bed en dan een sigaret en een asbak. Ik vraag me af of ze dit wel doen in het Amstelhotel? 5 sterren service maar nergens krijg je het ontbijt liggend op bed naar je toe geschoven en roken mag nergens meer.

Ik doe nog een afwasje, ruim wat op . Hij zit met zijn rug tegen de muur de sigaret te roken, zijn benen onder zich gevouwen. Ik moet door naar de volgende cliënt, de vele cliënten die nog op mijn lijstje staan, mijn dag is pas net begonnen en er ligt een waslijst aan taken op me te wachten, ook als ik thuis kom.

En hij, wat gaat hij doen vandaag ? Ik vraag het hem, hij kijkt me lang aan en haalt dan zijn schouders op. Maakt het wat uit ? Hij zat altijd buiten, nu zit hij binnen, verder verandert er niets. Hij zal straks misschien naar buiten gaan om iets te eten, te drinken, te roken te kopen. Bedelen hoeft niet meer. Het zal een lange dag zijn, voor hem, voor mij, maar we zijn deze dag allebei goed begonnen met het 5 sterren ontbijt.

Dit verhaal is ook beschikbaar in pdf.

Mijn nieuwe familie in de dagopvang

Surinaams-Nederlandse vrouw, begin 70

Ik wil leeftijdsgenoten ontmoeten. Ik geniet van elke dag. De dagopvang is heel erg belangrijk voor mij. Anders zit ik maar alleen. Ik kom elke dag. Het is goed om bij elkaar te zijn. We handwerken. We praten, lachen, zingen. Deze mensen zijn mijn familie nu.

Nordic walken

Vrouw, begin 70

Trappen klimmen is mijn vijand geworden. Ik probeer nog wel van alles in huis zelf te doen, maar het wordt steeds moeilijker. Op de inloop heb ik nordic walken geleerd. Dat is goed, dan gaan we samen de straat op. Je moet blijven oefenen.

Rustig op de grond

Van een zorgmanager

In het verzorgingshuis waar ik werkte was een Hindoestaanse mevrouw. Zij was aan het dementeren. ’s Nachts ging zij steeds onder haar bed liggen. Het personeel vond dat heel naar en hielp haar dan weer in bed. Ik heb er iemand bij gehaald van een Hindoestaanse zelforganisatie. Hij kon uitleggen dat deze mevrouw vroeger was opgegroeid op een plantage. Ze ging ’s nachts slapen onder een afdakje, op een matje op de grond. Nu konden we deze mevrouw beter begrijpen. We hebben haar matras op de grond gelegd. Het maakte haar veel rustiger dat ze zo kon slapen.

Complimenten voor het personeel van Ziekenhuis Rijnstate!

Van een dankbare zoon – 6 maart 2015

Complimenten voor het personeel van Ziekenhuis Rijnstate!

Hoe empathie, humor en begrip van het ziekenhuispersoneel ervoor hebben gezorgd dat een ziekenhuisopname van mijn moeder met Alzheimer, voor mijn moeder en mij prettig en goed zijn verlopen.

Dit gaat door je hoofd

Naar het ziekenhuis gaan is voor ons op zich al een onderneming waar we niet op zitten te wachten. Je bent gespannen, je begeeft je in een vreemde wereld waarin anderen ineens alles over jou te zeggen hebben en voor en over jou beslissingen gaan nemen. Je raakt je eigen ritme, patroon en regie kwijt.

Een prettige kennismaking

Alle intake gesprekken in het ziekenhuis verliepen zeer plezierig. Er werd echt naar ons geluisterd! Er was begrip voor onze wensen: we wilden graag een eenpersoonskamer voor mijn moeder; ik (de zoon) wilde gedurende de opname bij mijn moeder in het ziekenhuis blijven. Dit werd positief ontvangen en iedereen zette zich ervoor in om deze wensen te realiseren. Ook was de ontvangst hartelijk. We hebben zelfs gelachen tijdens de intake gesprekken. Dit alles zorgde ervoor dat we met  vertrouwen en met een positief gevoel het ziekenhuis verlieten.

De opname: we voelden ons welkom

Op de dag van opname bleek dat mijn moeder ook echt een eenpersoonskamer kreeg. Voor ons zo belangrijk, want hierdoor konden we de muziek voor mijn moeder gewoon naast haar bed zetten en laten spelen, precies zoals we dat thuis gewend zijn. Iedereen op de afdeling was ervan op de hoogte dat ik bij mijn moeder bleef, en ook nu weer werd daar door iedereen positief op gereageerd. Ondanks de spanning voor de operatie en de zorg voor mijn moeder voelde ik me welkom en op mijn gemak.  Ik kon tot aan de operatie op de kamer bij mijn moeder blijven. Het begrip en de vriendelijkheid van het OK personeel en het prettige en fijne gesprek met de chirurg waren een grote steun voor ons. Toen mijn moeder op de recovery lag, werd ik direct gebeld en kon ik bij haar zijn. Dit alles gaf mij en mijn moeder heel veel steun, vertrouwen en een goed gevoel.

Geweldig!

Complimenten, dit zijn toch maar even dingen die extra zijn, buiten de toch al drukke werkzaamheden van het OK personeel. Alle medewerkers, van schoonmakers tot aan de chirurg, iedereen was vriendelijk en had echt belangstelling voor ons. Alle afspraken waren goed door iedereen gelezen en er was daadwerkelijk actie ondernomen om alles goed te laten verlopen. Wat dit betekent voor patiënt en familie is ongelofelijk veel. Je voelt je een beetje “thuis” in een vreemde en beangstigende wereld. Spanning, angst en verdriet worden hierdoor verzacht. Het geeft je een goed en warm gevoel  en hierdoor kunnen wij, de patiënt en familie, alle zorgen en spanningen wat beter aan.

Want dit is belangrijk

Wanneer de patiënt zich op zijn gemak voelt, wanneer de familie zich welkom voelt, wanneer er echte aandacht is zal ook het herstel beter verlopen. Dan zal ook de werksfeer voor het personeel prettiger zijn, wat weer zijn weerslag heeft op de patiënten en bezoekers. En zo is de cirkel weer rond.

Dit verhaal is ook beschikbaar in pdf